Nieuws / 11 december 2020

Brainstormen met pubers over digitaal leren

BAZALT GROEP bestaat
uit Bazalt, HCO en RPCZ Bazalt logo

Pubers weten als geen ander waar een game/app of andere digitale vorm van leren aan zou moeten voldoen. Daarom nodigden we een groep kinderen tussen 12 en 17 jaar uit om over dit onderwerp te brainstormen. Het doel van de avond: ideeën verzamelen over digitaal leren.

Onder leiding van Jan Bart Dieperink (auteur Heftige Hersens!) gingen de kinderen in tweetallen aan de slag met vragen als:

  • Als jij de rector van jouw school was, welke digitale middelen zou je dan absoluut beschikbaar stellen aan de leerlingen?
  • Op welke manier leer jij het best?
  • Als jij informatie zoekt, waar zoek je dan?

De kinderen praatten met Jan Bart over multitasken om vervolgens (onder het genot van een pizza) met elkaar te bedenken hoe je op een digitale manier over het onderwerp multitasken zou kunnen leren.

De een maakte een ontwerp voor een app waarmee je met groepjes leerlingen opdrachten zou kunnen doen, de ander schetste het beeld van een virtuele ruimte, en weer en ander maakte een beschrijving.

Waar de groep unaniem over was:

“We kunnen niet zonder de school! We hebben klasgenoten en leraren nodig om goed te leren en functioneren.“

Een deel digitaal leren vonden ze een optie, en ze zagen mogelijkheden om dit in de vorm van een spel te doen. Maar de school en het gebouw vinden ze belangrijk. Over boeken waren ze niet eensgezind, de een dacht dat papieren boeken de komende 30 jaar nog zeker zouden blijven, de ander dacht dat ze bijna waren uitgestorven. Maar het fenomeen boek, in digitale of papieren vorm, vond iedereen belangrijk.

Na afloop ging iedereen met een goodiebag met uiteraard het boek Heftige Hersens naar huis. Het doel van deze eerste brainstormavond met kinderen: ideeën verzamelen over digitaal leren, is ruimschoots bereikt!

Heftige Hersens

Het puberbrein wordt in deze graphic novel inzichtelijker dan ooit. Het boek draait om de hersenen van een aantal heel verschillende jongeren. Ze worden verliefd, jaloers, worstelen met hun lichaam. Ze vervelen zich bij hun huiswerk, zijn ’s ochtends niet wakker te krijgen. Ze zijn depri, of juist gelukkig na hun eerste keer.

Kortom, ze leven een leven alle jongeren. Maar er is één verschil: zij worden door wetenschapsjournalist Mark op de hoogte gehouden van wat er in hun hoofd gebeurt. Zo gaan ze anders naar zichzelf én elkaar kijken. Niet wat ze níét kunnen, maar wie ze wél zijn staat in dit boek centraal.